Wat is het protocol binnen het kabinet?

December 2025…….

Tis een gezellige boel in de comfortabele huiskamer van Saskia Jansen. Zij is niet alleen de beschermvrouwe van het Kabinet van Oud-Prinsen en  -Adjudanten (hierna te noemen: ‘t Kabinet), maar ook gastvrouw bij de periodieke vergaderingen van het bestuur.  We schrijven december 2025 als op haar woonadres een vergadering plaatsvindt van de overheid van ‘t Kabinet, in voltalligheid. Behalve Saskia haarzelf zijn aanwezig:
• Ton Mathijssen, preses of voorzitter
• Monique Renders, schrèver of secretaresse
• Bert van Druenen, muntmeester of penningmeester
• Bram Arbouw, bijzitter of bestuurslid
• Marc Vissers, Geestrijk Adviseur

De aanwezigheid van Bert van Druenen was een beetje prematuur. Officieel neemt hij de kas over van Geert Pennings ná het carnaval 2026. Hoewel elke vergadering wordt gekenmerkt door een serieuze missie of aangelegenheid is de sfeer aan de gesprekstafel uitermate ontspannen, gemoedelijk en gezellig. Bij aanvang van de bijeenkomst, 20.00 uur, schuift de schrijver van dit verhaaltje even aan voor het ophalen van achtergrondinformatie. De preses opende het overleg met een woord van welkom, en zo voelde dat ook.

Doelstelling van dit verhaaltje is het duiden van het functioneren van ‘t Kabinet.
Zeg maar het antwoord op de vraag: waartoe zijn zij op aard’?
Zonder te hoeven nadenken legt de aanstaande muntmeester deze missie op tafel:
“ het bewaken, beschermen en uitdragen van tradities en protocollen in Dun Birrekoal door het bestuur en de commissies op ludieke maar serieuze wijze gevraagd en ongevraagd te adviseren en te ondersteunen.
Uitgangspunt is dat tradities alleen mogen veranderen in het geval van een verbetering.
Anders geformuleerd: meebewegen op de veranderende tijdsgeest indachtig de bestaande kernwaarden.
Daarnaast wil het Kabinet een factor zijn in Dun Birrekoal met eigen gebruiken, eigen activiteiten en eigen bijdragen aan het Blauwwitte collectief”. Voorwaar een oneliner op niveau maar ook een vlag die de lading dekt.

En dat al meer dan 33 jaar. ‘t Kabinet is in de elfde maand van 1991 opgericht door de grondleggers Will van Casteren, Jan van Osch, Willem van Uden en Geert Klerkx†.
Laatstgenoemde was tevens de eerste preses van het notabele gezelschap.  

Anno nu beweegt het ledental zich rond de 75 personen, bestaande uit oud-Prinsen, oud-Adjudanten en enkele bijzondere leden te weten Meier Jan Pommer en beschermvrouwe Saskia Jansen. Zeker een formatie om rekening mee te houden . . . . . . . .

Reglement
Dat ‘t Kabinet niet zomaar een gelegenheidsclubje is blijkt ook uit het lijvige document ‘Huishoudelijk reglement’ met niet minder dan twintig artikelen, bepalingen, richtlijnen en voorschriften. Een kleine greep:
• een kerntaak is het keuren en bewaken van brouwerij-artikelen
de geestrijk adviseur dient te beschikken over uitzonderlijke spirituele kwaliteiten

Ook is hierin geregeld dat ’t Kabinet twee keer per jaar een ledenvergadering belegt in haar residentie Herberg De Prins, waarbij ook de partners van de leden welkom zijn. ‘In passende kleding’, dat dan weer wel . . . .
Het reglement verhaalt ook dat de partners zorgen voor meer kennis, schoonheid, ideeën, conversatie en oplossingen. Waarvan Akte.

In het reglement wordt residentie Herberg De Prins ‘zittingsruimte’ genoemd. 
Eén ledenvergadering vindt plaats op een zondagmiddag voorafgaand aan elf-elf en de andere vergadering op een donderdagavond ná het carnaval.   

Dat Herberg De Prins erg zuinig en trots is op haar bijzondere gastengroep blijkt onder meer uit het feit dat een groot deel van een prominente wand is vrijgemaakt voor de galerij. Dit betreft een serie portretfoto’s van alle oud-Prinsen van Dun Birrekoal. Op volgorde van jaartal van hun regeerperiode hangen de portretten, allemaal in hetzelfde formaat, in een keurig strak stramien langs elkaar in het zicht van alle gasten.  Met potlood is op de achterkant van de foto de naam geschreven van de Adjudant.

Treurwilg
Het logo van ’t Kabinet is een voorstelling van een (treur)wilg met daarin opgehangen de steken van de Adjudanten. Voor de oud-Prinsen zit het treurige vooral in het gegeven dat ze nooit meer de scepter zullen zwaaien. De steken in het logo symboliseren een stukje treurnis bij de oud-Adjudanten, omdat zij niet waren opgenomen in het eerste ontwerp van het logo.

De dresscode van de oud hoogheden bestaat uit hun donkere kostuum, een messing medaillon en een rugslabber-met-naam. Heel vaak maken de emeriti dit af met een blauwwit vlinderdasje. Deze uniformiteit wordt gedragen bij alle formele gelegenheden zoals elf-elf, inauguratie, carnavalsmis/-viering en recepties.

Een geheel andere uiting van waardigheid, niveau en respect vormen de banier en het vaandel. Op de dag van de inauguratie staat het vaandel op het podium met een speldje (slapend beertje) voor alle ontvallen leden en is de banier zichtbaar aanwezig in Herberg De Prins, ten teken dat ’t Kabinet aanwezig is.

Ook andere gebruiken binnen ’t Kabinet worden gekenmerkt door traditie en door conservatisme. Voorbeelden zijn een bezoekje aan de carnavalsverenigingen, in ornaat, op carnavalszaterdag. Maar ook de opvang van de aftredende Hoogheden tijdens het 11-11bal (met champagne) en hun inauguratie op de zaterdag voorafgaand aan het carnaval.

Deze protocollaire toetreding tot ’t Kabinet geschiedt door de beschermvrouwe en de Geestrijk Adviseur door met het platte deel van een roestvast zwaard op beide schouders te tikken (“tot ridder slaan”) als teken van waardigheid en erkenning voor de maatschappelijke dienstbaarheid. Deze ceremonie verandert de status van Ex-Prins in Oud-Prins.

Niet onvermeld mag blijven de jaarlijkse durskesdag welke doorgaans in de zomermaanden wordt georganiseerd door de laatst toegetreden oud-Hoogheden. Hierbij gaat het om een eenvoudige activiteit en een gezellig samenzijn op een locatie in of nabij Dun Birrekoal.

En sinds Prins Peer dun Urste en Adjudant Nol is elk jaar op de zaterdag voor carnaval een ludieke activiteit op de brug Pierekoal < > Bluumkesbrug met als thema het grensverloop met Krabberdonk. 

Toekomst
Het bestuur van ’t Kabinet is eensgezind over zaken als toekomstvisie en missie.
Hun boodschap aan alle besturen, commissies, werkgroepen, clubjes, vrijwilligers, begunstigers en aan alle andere betrokken wordt verwoord in één kort maar krachtig zinnetje:
“allemaal enthousiast door blijven gaan”  

Zonder afbreuk te willen doen aan enig facet van het carnavalsgebeuren worden door Monique, Saskia, Ton, Bert, Bram en Marc toch drie aspecten benadrukt, zijnde sociaal, cultureel en financieel. Bedoeld wordt dat birre en birrinne blijvend een belangrijke plaats moeten blijven behouden voor de sociale, culturele en ludieke kant. Het is van belang om zuinig te zijn op goede gebruiken zoals fruitmandjes en schoolbezoeken / Mariaoord.

Evenzo belangrijk is het uitgangspunt dat iedereen met een goede wil moet kunnen meedoen met het carnaval. Zonder enige uitsluitingsgrond.

Ook de financiële invalshoek is een aandachtspunt. ’t Kabinet huldigt unaniem het standpunt dat er geen sprake mag zijn van een geldelijke barrière als het gaat over de kansen om Hoogheid in het Blaouw-witte rijk te kunnen worden.

De conclusie van dit verhaal is dat ’t Kabinet, geleid door een krachtig bestuur, een gewichtige en stabiele factor is in Dun Birrekoal. Fatsoen, wijsheid, respect en enthousiasme voeren de boventoon in een bruisend jaarprogramma hetgeen leidt tot een serieuze meerwaarde voor alle birre en birrinnen. Een keiharde joekel van unne kwèk is zeker op zijn plaats.